4 december 2007

Op naar Kundiawa

Twee weken Madang zitten er bijna op. Het Canadese koppel De Pistells vieren een witte kerst in Canada. We zullen in februari wel gezamenlijk met de incountry training starten. Ten minste, dat is de bedoeling.
Ik ga alleen naar Kundiawa. Hoewel, dat is niet helemaal waar. Barbara en haar familie gaan mee. Barbara is VSO's programmamanager Participation & Governance. Liklik papa (oom) Peter is chauffeur. Met kerst ben ik uitgenodigd voor een traditionele singsing in het dorpje van Barbara's familie.

Wandelen in het tempo van een Papua valt nog niet mee. Soms weet ik me aan te passen. Maar als ik even niet oplet ben ik toch nog weer mensen aan het inhalen. Rare gewoonte toch, dat snelle wandelen. De mensen doen rustig aan. En terecht, gloeiend warm en benauwd. Zelfs ’s ochtends tijdens mijn ochtendwandeling van de Lodge naar het VSO kantoor. De eerste vijf minuten denk ik nog dat het best meevalt. Daarna begin ik aardig op te warmen. Na tien minuten is mijn voorhoofd helemaal bezweet. In het kantoor aangekomen heb ik een half uur nodig om af te koelen en op te drogen! En dat is om half negen ’s ochtends…

Verbindingsweg in Madang tussen 'maket' en 'niu taun'


Ik twijfel nog wel enigszins. Ga ik met oud en nieuw terug naar Madang? Of misschien naar Australië? Alles ligt stil in de periode. Geen werk dus. En geen van de volunteers is in Kundiawa. Aan de andere kant is dit wel de perfecte manier om locals te ontmoeten.

Snorkelen is prachtig. Geen idee hoe alle vissen heten, het varieert van blauwe zeesterren, gele vissen met fluoriserende vinnen tot grote schollen met heel veel kleine visjes.

Een van de snorkelplekken vlakbij Madang


In het resort waar ik verblijf, is het ook fantastisch snorkelen. Het is alleen lastig de zee weer uit te klimmen. Het koraal is scherp. Het zwembad biedt gelukkig een goed alternatief.

Zwembad bij Madang Lodge met uitzicht over de zee


Het eten in de lodge begint na twee weken wel wat te vervelen. De variatie is zolangzamerhand ver te zoeken. Het bestellen is vaak erg grappig. Ondertussen weet ik dat je moet vragen wat ze niet hebben, in plaats van wat ze wel hebben. Maakt de keuze een stuk eenvoudiger. De Indiase curry met pappadums hebben ze nog nooit gehad. Ik vermoed dat het voor de goede sier op het menu staat.

Ontbijt in de lodge


Het is echt een komen en gaan van mensen. Vrijdagavond afscheidsetentje gehad van twee VSO medewerkers. Maandagavond afscheidsetentje gehad van twee VSO volunteers. We hebben Chinees en Thais gegeten. Bijzondere combinatie, maar wel erg lekker. Vooral de Australische, Chinese en Filipijnse gemeenschap lijkt omvangrijk. Ze vormen een belangrijk deel van de middenstand. De meeste winkels en restaurants zijn in buitenlandse handen.

Veel mensen zeggen dat je in de bergachtige binnenlanden het echte Papua Nieuw Guinea vindt. Deze gebieden met een eigen beschaving zijn pas vanaf 1930 ontdekt. Sommige delen van de provincie Simbu zijn alleen met vliegtuig bereikbaar. Vanaf aanstaande zaterdag gaat het echte avontuur beginnen.
Vanavond eerst nog met drie en een halve Nederlanders Sinterklaas vieren. Inclusief lootjes, gedicht en pepernoten.

30 november 2007

Blind vertrouwen

Bizar hoe klantonvriendelijk vliegvelden eigenlijk zijn. Iedere, fors betalende, klant wordt van top tot teen doorgelicht. Je mag niet al je spullen meenemen die je mee zou willen nemen (ieder vliegveld). Je moet je schoenen uitdoen en in een speciaal apparaat stoppen (London Heathrow), je krijgt een explosieventest, waarbij ze je shirt en je handbagage op dynamietresten testen (echt bizar! weer London), je hele tas wordt leeggehaald voor een paar kruimels Liga (Brisbane Airport, zie bericht Televisie held).

Alsof het nog niet beroerd genoeg is, moet je voor alle controles ook nog eens lang in de rij staan. Ik voel me bijna crimineel…

In Papua Nieuw Guinea doen ze dat anders. Om te beginnen hoef je niet door allerlei poortjes. Je loopt met je bagage langs de douaniers. Deze vragen je wat er in je tas zit. Je geeft netjes antwoord. In mijn geval boeken en kleren. En je lacht. Niet vergeten, heel belangrijk! En dan mag je door.

Wauw, blind vertrouwen, waar zien we dat nog?

De bagage'band' op het vliegveld van Madang

PS. Inmiddels ben ik er achter dat het zwaartepunt van de Papuase ‘security check’ bij de ingang van de vertrekhal is gesitueerd, voorafgaand aan het inchecken van je vlucht. De procedure bij deze ‘security check’ is even strikt als bij aankomst. Gebaseerd op blind vertrouwen, dus: vraag, antwoord, lach en loop door!

26 november 2007

Eerste dagen in Papua Niugini

Half zeven, ik zit aan m’n ontbijt met tropisch fruit en koffie. De zee is vrij ruw. Naast me ligt de cursus Tok Pisin. Het is al weer m’n vijfde dag in Papua Nieuw Guinea en ik begin langzaam te wennen. Aan het klimaat, de mensen en het levensritme.

Eerst even terug. De vlucht via London, Seoul en Brisbane viel me erg mee. De twee lange stukken had ik meerdere stoelen voor mij alleen. Dus ik heb nog wat kunnen slapen. Ik heb zelfs maar één film gekeken! In Brisbane nog wel wat kleine douane perikelen gehad (zie bericht Televisie held), maar de reis verliep heel voorspoedig. Tot in Port Moresby dan ten minste… (zie bericht Self service).

Paradijs. Een ander woord heb ik er niet voor. Alle VSO’ers verblijven de eerste weken tijdens de In Country Training in de Madang Lodge. De begroeiing is uitbundig. Zwembad, bar, prachtige tuin. Overal schieten kleine gekko’s weg. Op het terras loop ik gelijk Jolanda, Laura en Maheska tegen het lijf. Zij zijn aan het ontbijt en vertellen dat ze net hun training hebben afgerond. De Pistells en ik doen waarschijnlijk in de februari met de training mee.

De eerste dagen zijn uitermate ontspannen verlopen. Gesnorkeld in een prachtig resort, gezellig uit eten geweest met VSO personeel en nieuwe volunteers, in het huisje van Jolanda (zij blijft twee jaar in Madang) gekookt en gegeten, samen naar de markt (zie bericht Markt in Madang) geweest.

Op de eerste dag heb ik m’n Papuase rijbewijs al bemachtigd. Toevallig gingen de nieuwe volunteers net hun rijbewijs afhalen. De oom van Rosemund, zij werkt voor VSO, is verantwoordelijk voor deze procedure. Maar goed ook. Anders hadden we pas in 2008 een rijbewijs kunnen krijgen. Ik denk trouwens niet dat ouders hier met hun kinderen ‘hobbel in de weg, hobbel in de weg, gat in de weg’ spelen. De wegen zijn hier zo, dat het continu hobbelen is!

De mensen zijn erg vriendelijk. Veel mensen zeggen je gedag op straat. Een deel van de mensen is minder toegankelijk. Ik ben er niet achter of het schuchterheid is of angst of boosheid… Door alle afschrikwekkende verhalen over de veiligheid in PNG heb ik me hierdoor de eerste dagen lang niet altijd op m’n gemak gevoeld. Gisterochtend besefte ik me ineens dat ik hetzelfde gevoel had als in Moskou met Joost. Door alle verhalen is je perspectief al gevormd en er hoeft maar iets te gebeuren of het bevestigt dit (onjuiste) beeld. Ik ben nog te kort in de fascinerende land om een beeld van het land te schetsen.

De komende weken zal ik wat meehelpen op het VSO kantoor. Ondertussen ga ik vast Tok Pisin leren en verder wennen. Zodra de Pistells komen, krijgen we een verkorte training en dan gaan we met z’n drieen naar Simbu. Ik heb trouwens al een huis in Kundiawa! Met drie kamers en volledig gemeubileerd.De visa procedure van de Pistells duurt al twee maanden. Zijn ze er over een week nog niet, dan ga ik vast naar Kundiawa. Ik kijk er naar uit. Tot die tijd, isi isi, noken warrie!